O

IVN Vecht & Plassengebied - Kennis der Natuur


Excursies | Vogels | Vleermuizen | Natuurgebieden | Groencursus | Natuurgidsencursus | Organisatie | IVN Vecht & Plassengebied

Fotoboek | Natuurkrant | Vogelreis Falsterbo | Waterkwaliteit | Virtuele excursie Gunterstein | Poelenwerkgroep het Gooi

Woudaapje (Ixobrychus Minutus)

Woudaapje (Ixobrychus Minutus)


 

Geluid:

© ETI BioInformatics, SoortenBank.nl

Herkenning: L 35 cm. V 43 cm.

Biotoop: moerassen, vaak met bomen, struiken, riet en drijvende vegetatie.

Woudaapjes zijn moerasvogels die leven van visjes, amfibieŽn en insekten. Ze broeden in dichte rietkragen en ruigtes met wilgen en biezen. In Nederland zijn ze alleen nog te vinden in de Utrechtse en Zuidhollandse Vechtplassen.

Territorium: -

Trekken of blijven: De wintermaanden worden doorgebracht in tropisch Afrika.

Bedreigd of niet? Het woudaapje staat op de Rode Lijst vanwege de sterke afname van zowel het broedareaal als van het aantal broedparen in ons land, alsmede vanwege de kwetsbaarheid van het broedbiotoop.

Tot in de jaren vijftig broedden jaarlijks honderden woudaapjes in ons land. In 1965 werden nog zo'n 225 paren geteld, daarna liep de stand terug tot 20-30 paar rond 1990 en minder dan tien paar nu.

De afname van het woudaapje heeft te maken met verdwijnen en door recreatie en watervervuiling ongeschikt raken van het broedbiotoop. Toch is dit niet de belangrijkste reden; die is gelegen in lange periodes van droogte in de Sahara en Oost-Afrika. Daar ligt dan ook de sleutel tot het behoud van het woudaapje. Gezien de uitbreiding van de woestijn, een ontwikkeling die ook in natte jaren doorgaat, lijkt dit erg moeilijk. Mocht de situatie in Afrika verbeteren, dan zal voldoende geschikt broedbiotoop in onze streken aanwezig moeten zijn. Naast een goed beheer van de (voormalige) broedgebieden zal natuurontwikkeling voor nieuwe broedgelegenheid kunnen zorgen.

Aantal broedparen in Nederland: 7 (1987), ca 10 (1999)

Verspreiding in Nederland (1979):


Atlas van de Nederlandse Broedvogels,
Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten in Nederland


 

GOOIS VOGELNET 1716 (2006-09-03):

Ook dit jaar zijn er weer Woudaapjes bij Tienhoven waargenomen en zoals in de afgelopen jaren gebruikelijk was, hebben het UVN en het GVN (net als Waarneming.nl en Dutch birding.nl) deze waarnemingen niet direct vermeld om voor rust en bescherming van deze zeer kwetsbare broedvogels te zorgen. Het eerste roepende mannetje werd vroeg in het voorjaar gehoord en wel op 6 mei door Rombout de Wijs en een dag later hoorde Jan van der Winden er reeds 2. Daarna zijn er nog een aantal meldingen van een mogelijk 3e mannetje, maar daar is nooit 100% zekerheid over verkregen. Overigens waren dit, voor zover mij bekend, de vroegste ex. die ooit bij de Tienhovense plassen zijn gehoord. Het mannetje achter de Hervormde Kerk was al vrij snel uitgeroepen en dat kan wijzen op een broedgeval, maar daar is dit jaar geen zekerheid over verkregen. Er is ook geen vrouwtje gemeld. Het mannetje bij molen De Trouwe Wachter heeft nog wat langer geroepen, maar is op 3 juli voor het laatst gehoord. Verrassend was de melding van een Woudaap op 17 juli bij de Maarsseveense Plassen. Gezien het feit dat na 3 juli geen Woudaapjes meer bij de Tienhovense plassen zijn waargenomen, kan dat betekenen dat 1 van de vogels is gaan zwerven en bij de Maarsseveense Plassen is terechtgekomen. De afstand tussen deze 2 plekken is slechts 2 km. Het was overigens, voor zover mij bekend, pas weer de 1e waarneming bij de Maarsseveense Plassen na 20 (!) jaar. (zie Kruisbek jrg 29 1986 nr. 4). Vervolgwaarnemingen zijn daar niet meer gedaan en dat verbaast mij niet, want het was in die tijd verschrikkelijk druk met recreanten. Een andere zeer interessante ontwikkeling, was het feit, dat nadat de afgelopen jaren in de zomer een rondvliegende Kwak werd waargenomen bij de Tienh. plassen, er dit jaar zelfs 2 ex. werden waargenomen, wat op een paartje kan wijzen (op 3 juli door echtpaar Loode) en dat 1 van de exemplaren ook roepend aan de grond werd waargenomen (op 23 juni door Christian Brinkman), wat betekend dat er vrijwel zeker een territorium was! Jonge vogels werden in de Tienhovense plassen niet waargenomen, maar er werden via het GVN wel jonge vogels in de 2e helft van de zomer gemeld in de noordelijke Vechtplassen, w.o. de Loenderveensche plassen, die maar 3 km van de Tienhovense plassen af liggen en in Hilversum-zuid, wat maar op 6 km. ligt. Deze laatste (ongeringde) vogel leek interesse te hebben voor vijvers (!) in tuinen, iets wat in nov. 2000 ook in Maarssen gezien is. Hier betrof het een (geringde) volwassen vogel. Van de Roerdomp waren er meerdere waarnemingen van een roepende en foeragerende vogel in de Oostelijke Binnenpolder (t.o. de eendenkooi), wat op minimaal 1 territotium wijst, maar ook hier is geen zekerheid over een broedgeval verkregen. Verder waren er de hele zomer Grote Zilverreigers aanwezig, w.o. op 27 mei 2 ex. in Polder Achteraf, die regelmatig achter elkaar aan vlogen, wat wel wat "verdacht" leek. Ook waren er een aantal meldingen van (max.2) Kleine Zilvers en hebben er weer Purpers bij de Breukeleveensche plas gebroed. Al met al was het wederom een zeer reigerrijk jaar bij en rondom het mooie Tienhoven.!

Hans Russer