IVN Vecht & Plassengebied - Kennis der Natuur


Excursies | Vogels | Vleermuizen | Natuurgebieden | Groencursus | Natuurgidsencursus | Organisatie | IVN Vecht & Plassengebied

Fotoboek | Natuurkrant | Vogelreis Falsterbo | Waterkwaliteit | Virtuele excursie Gunterstein | Poelenwerkgroep het Gooi

Zwarte Specht (Dryocopus martius)

Zwarte Specht (Dryocopus martius)


 

Geluid:

© ETI BioInformatics, SoortenBank.nl

De lach van de Zwarte Specht lijkt erg op dat van de Groene Specht. Maar de Zwarte Specht moet een beetje "op gang komen". Terwijl de Groene Specht meteen op volle sterkte begint te lachen. Vergelijk maar 'ns door ook de pagina van de Groene Specht te openen.
De roffel van de Zwarte Specht is zwaarder en langzamer dan dat van de Grote Bonte Specht. Ook dat is goed te vergelijken door ook de pagina van de Grote Bonte Specht te openen. Behalve dit 'truu-truu-truu' kent de Zwarte specht nog een ander geluid dat over komt als 'kliaauw-kliaauw'.

Herkenning: De grootste spechtesoort die in Nederland voorkomt, is de Zwarte Specht.. Hij(zij) is even groot als een Zwarte Kraai! Daarom is de ingang van het hol in een boom ook veel groter dan dat van een Grote Bonte Specht. Dat is ook te determineren doordat de ingang van het hol van de Zwarte Specht ovaal is! Mannetjes hebben een felrode kruin terwijl de vrouwtjes slechts een rode nekvlek hebben.

Biotoop: uitgestrekte oudere bosgebieden.

Broedgebied: -

Komt in Nederland voor als: Standvogel. De eerstejaars jongen gaan in het late janaar, ongeveer begin november, wel wat zwerven en dan zijn ze ooki buiten de broedgebieden wel te zien.

Bedreigd of niet? De zwarte specht is als geen ander in staat zijn nestholte geheel naar eigen wens en maat uit te hakken. De meeste andere spechtesoorten kiezen daarvoor een al min of meer verzwakte stam met zachter hout. Maar de zwarte specht is met zijn krachtige snavel in staat om zelfs in gezond, hard beukehout een holte uit te hakken. Daardoor is deze soort niet meer afhankelijk van het natuurlijke aanbod aan holtes. Ook abelen, esdoorns en dennen komen in aanmerking. Mits het bomen met dikke stammen zijn, want de nestholte heeft een doorsnede van wel twintig cm.

Sinds het begin van de 20ste eeuw zijn in West-Europa de eerste broedgevallen vastgesteld. In 1908 in BelgiŽ, 1n 1913 in Nederland, in 1915 in Luxemburg. In die tijd hebben ze zich vanuit Midden-Europa geleidelijk aan uitgebreid in westelijke en noordelijke richting. Men meent dat de komst van de Zwarte Specht samenhangt met het ouder worden van onze Beuken. Toen omstreeks 1800 na de kaalkap weer veel Beuken zijn geplant, werden die in het begin van de 20ste eeuw oud genoeg voor de Zwarte Specht. Het is dan ook niet onmogelijk dat ook vroeger de Zwarte Specht al bij ons broedvogel is geweest. Nadat het in Nederland ruim een halve eeuw alleen een broedvogel van Midden-d, Oost-, en Zuid-Nederland is geweest, hebben ze uiteindelijk ook tot de duinstreek kunnen doordringen waar in 1973 het eerste broedgeval werd vastgesteld. In Nederland wordt het aantal broedparen thans op ca. 3.000 broedparen geschat, terwijl het aantal in BelgiŽ zeker niet boven de 300 broedparen uit zal komen. Op de hogere zandgronden is de stand vrij stabiel of licht toenemend. In sommige gebieden, zoals op de Zuidoos-Veluwe bij Arnhem, zijn ze zelfs talrijker dan de Groene Specht. In de jaren zeventig was dat nog omgekeerd. Terwijl de Zwarte Specht geleidelijk overal is toegenomen, is de Groene Specht plaatselijk sterk afgenomen. Dit in tegenstelling tot Finland waar de Zwarte Specht sterk in aantal achteruit gaat door het kappen van veel oude bomen. Bij boerderijen en andere woongebieden blijven vaak de oudere bomen staan, zodat ze zich meer en meer bij de mens gaan vestigen.
Omdat het een standvogel is, kan men ze het gehele jaar aantreffen.

Het fenomeen Ďkrakení is in de natuur geenszins vreemd. Zelfs als het om een bewoond of net uitgehakt hol gaat kunnen andere dieren zich meester maken van een spechtehuis. Vooral kauwtjes zijn daar goed in. De zwarte specht rest in zoín geval niets anders dan opnieuw veertien dagen lang al zijn tijd te steken in het hakken van een nestholte. En omdat een spechtehol jarenlang bruikbaar blijft, werkt de zwarte specht dus zijn leven lang aan het oplossen van de woningnood van andere vogels.

Aantal broedparen in Nederland: 2.300-2.900 (1987)

Verspreiding in Nederland (1979):


Atlas van de Nederlandse Broedvogels,
Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten in Nederland


SOVON & CBS 1998

Waarnemingen, reacties etc van vogelaars in Nederland:

2 april 2000. Na de verrassende komst van de Zwarte Specht als broedvogel in de duinstreek (begin 70er jaren) en zijn uitbreiding (op een bepaald moment voorkomend van Oostvoorne in het zuiden tot Den Helder in het noorden), is de soort de afgelopen paar jaar snel verdwenen. Over de oorzaken bestaan wel ideeen (oa tgv moderne beheersmaatregelen waarbij oude naaldbomen het moeten ontgelden), maar dat zal altijd wel giswerk en een discussiepunt blijven. De 'ecologische' gevolgen zijn vermoedelijk groter dan men zich realiseert. Immers, de vele holen die Zwarte Spechten in de afgelopen decennia hebben gemaakt, worden momenteel gebruikt door talloze vogels en zoogdieren (en er komen geen nieuwe holen bij terwijl de oude geleidelijk verdwijnen). Als ik me goed herinner was het eerste broedgeval in Elswout, Overveen. Vorige winter werd op die plaats nog een paar gefilmd door de BBC (in maart te zien in 'Birding with Bill Oddie'). Dat bleek een soort requiem want in het afgelopen najaar waren ook deze vogels niet meer aanwezig.
Hierbij een oproep om informatie over de laatste waarnemingen in verschillende duinregio's.

Arnoud B van den Berg,
Duinlustparkweg 98,
2082 EG Santpoort-Zuid,
Netherlands
phone +31 (0)23 5378024,
fax +31 (0)23 5376749,
mobile 06 54 270796

Het is mij en naar ik aanneem iedere vogelaar duidelijk dat de meeste Zwarte Spechten uiteindelijk door een Havik zullen worden geslagen. De Havik is immers vrijwel de enige predator die een Zwarte Specht kan pakken (Boommarters komen niet of bijna niet in de duinstreek voor).

Deze in de verdwijning resulterende predatie zie ik echter meer als 'gevolg' van bepaalde omstandigheden dan als 'oorzaak'. Beide soorten komen in veel gebieden namelijk naast elkaar voor zonder dat zij elkaar uitsluiten. Zo zijn er op de Veluwe zowel veel Haviken als Zwarte Spechten. Laatstgenoemde soort houdt daar goed stand, in ieder geval op de paar plekken die ik regelmatig bezoek.

Wat betreft Zwarte Spechten in de duinstreek kan men in de eerste plaats stellen dat er vermoedelijk weinig uitwisseling bestaat met soortgenoten in het binnenland (Utrechtse Heuvelrug etc). Een marginale populatie dus, kwetsbaar voor schommelingen, die niet snel gecompenseerd kunnen worden door vogels van elders.

In de tweede plaats is het duingebied in de laatste jaren enorm veranderd ten nadele van Zwarte Spechten. Oude beuken (nest- en slaapbomen) staan er nog, maar veel oude en dichte naaldbosbestanden (foerageergebieden) zijn verdwenen of sterk uitgedund. Dat laatste zal er zeker toe hebben bijgedragen dat Zwarte Spechten veel kwetsbaarder zijn geworden voor predatie van Haviken. 's Winters kon een Zwarte Specht bijvoorbeeld urenlang ongestoord op een vermolmde naaldboom in een donker naaldbos zitten foerageren. Nu zijn veel naaldbossen zo open geworden dat Haviken, die normaal vooral langs bosranden jagen, er kris-kras doorheen kunnen vliegen om prooi te zoeken.

Mogelijk zijn er meer redenen voor de plotselinge verdwijning te noemen. Ik denk echter dat het in dit stadium vooral belangrijk is om nauwkeurig laatste datums en laatste broedparen te documenteren. Maar misschien gebeurt dat al door iemand?

Groeten van Arnoud.

2 april 2000. In de duinen bij Bergen broedt momenteel een paartje Zwarte specht. Op 31/3/2000 hoorde ik een exemplaar roepen in de duinen bij Heemskerk. Ze zijn er dus nog wel. Over de mogelijke oorzaak van de ontegenzeggelijke achteruitgang is het leuk speculeren. Martjan Lammertink, die jarenlang deze soort bestudeerde in het Noord-Hollands Duinreservaat, dacht vooral aan verminderde vruchtbaarheid als gevolg van inteelt. Ik heb 1x een verlaten nest samen met hem bekeken. De eieren bleken onbevrucht.

Rienk Slinks